HET GEBRUIK VAN FLUORIDE

Fluoride is een stof die van nature in onze voeding voorkomt. Fluoride is nuttig voor de opbouw van de botten, tanden en kiezen. Wat fluoride extra helpt het tandglazuur zich sneller en beter van de zuurstoten te herstellen. Daarvoor moet het vaak in kleine beetjes worden toegediend. Fluoride biedt dan een belangrijke bescherming tegen tandbederf. Het werkt het beste als het zo lang mogelijk in de mond gehouden wordt.
Achtereen volgens komen aan bod:

VORMEN VAN FLUORIDE-GEBRUIK

Fluoride kan worden gebruikt in verschillende vormen:
  • fluoridehoudende tandpasta,
  • fluoride-tabletjes, die opgezogen of gekauwd worden,
  • een fluoride-behandeling door de tandarts of mondhygiënist (de zgn. fluoride-applicatie),
  • een fluoride-oplossing, waarmee thuis of op school gespoeld kan worden.

Het voordeel van het poetsen met fluoride-tandpasta is dat ook meteen plak wordt weggepoetst en tandvleesontsteking wordt voorkomen.

FLUORIDE-DOSERING

Het algemene advies voor de dosering van het fluoride-gebruik was vroeger anders maar is al sinds 1 oktober 1998 gewijzigd in:


Overleg met tandarts, mondhygiënist of jeugdarts welke preventieve maatregelen nodig zijn.
Vanwege het vergrote risico op gaatjes is het voor kinderen met een motorische handicap bijna altijd aan te bevelen om naast fluoridehoudende tandpasta ook fluoride-tabletjes te gebruiken. Met de tandarts kan overlegd worden hoe lang hier het beste mee kan worden doorgegaan. Ook kunt u het gebruik bespreken van de andere toedieningsvormen.

SPREIDING OVER DE DAG

Als vier keer per dag op verschillende momenten fluoride wordt gebruikt geeft dit een goede bescherming tegen gaatjes.
Twee keer poetsen en tweemaal een fluoride-tabletje voldoet goed zolang de fluoride-tabletjes verspreid over de dag worden ingenomen. Geef ze niet direct na het poetsen, dat heeft namelijk weinig effect.
Een goede mogelijkheid is 's ochtends poetsen, 's middags en 's avonds na het eten een tabletje en voor het naar bed gaan weer poetsen.